sep 2019

M D W D V Z Z
26 27 28 29 30 31 1
2 3 4 5 6 7 8
9 10 11 12 13 14 15
16 17 18 19 20 21 22
23 24 25 26 27 28 29
30 1 2 3 4 5 6
 
 

Iris Bouche - Cutting Space (research)

don 16/02/2012 > woe 29/02/2012

Beperkingen, een breed gegeven dat ik samen met andere artiesten wil onderzoeken. Lichamelijke, sociale en maatschappelijke beperkingen; deze in vraag stellen en onderzoeken hoe deze vanuit een ander perspectief te benaderen.

Hoe kunnen beperkingen van het menselijk lichaam een choreografische meerwaarde worden? Kan de bewegingstaal van elke performer een unieke identiteit weergeven? In welke mate wordt de ruimte beïnvloed door die lichamelijkheid? Is er via het medium dans een mogelijkheid tot het aanzetten van een onbevooroordeelde kijk?

Daarnaast doe ik binnen ‘Cutting space’ onderzoek naar licht en scenografie :
Hoe creëer je een beweging in neutrale ruimte? Hoe plaats je een beeld in de ruimte? Kan men het perspectief van de waarnemer visueel beïnvloeden?

Tijdens dit deel van het onderzoek werk ik samen met lichtontwerper Harry Cole en performer Marie Limet.

Met Cutting Space project wil Iris Bouche een platform creëren waarin open discussie, onderzoek en in vraagstelling rond fysieke beperkingen in al zijn diversiteit mogelijk is.
Lilium, gecreëerd in 2004, was haar eerste ervaring met een relatief nieuwe benadering van dans en beweging, genaamd inclusiedans: hedendaagse dans voor valide en mindervalide dansers die samenwerken. Deze ervaring vormde de basis voor Cutting Space, een work in progress waarin ze in samenwerking met telkens andere artiesten, de gangbare discussie over dans, performing arts en onderwijs, aan wil zwengelen. De inzet van het onderzoek is de relatie tussen fysieke beperkingen in al zijn diversiteit. De fascinatie voor dit thema loopt als een rode draad door het persoonlijke en professionele parcours van Iris Bouche. Dit vertaalde zich in Cutting Space #1 en Cutting Space #2 waarin ze aan de slag ging met valide en minder-valide dansers en componist Kobe Proesmans. Ook tijdens haar jaar binnen de a.pt opleiding in 2010 – 2011 stond dit onderzoek centraal.


It’s not about you, it’s about me.
De vanzelfsprekendheid waarmee je als professionele danser met beweging omgaat, is in eerste instantie een confrontatie met jezelf als je tegenover een danser staat met een lichamelijke beperking. Er ontstaat een automatische reflectie naar jezelf toe als danser en als persoon. Het laat toe je eigen beperkingen in vraag te stellen en (proberen) te aanvaarden hoe zichtbaar of onzichtbaar deze ook zijn. Ik realiseerde me dat de eigenheid van elke beweging afhankelijk en uniek is aan de eigenheid van elk lichaam. Wat de verschillen ook zijn van ieder persoon, met of zonder lichamelijke beperking. Als danser was het voor mij dan ook noodzakelijk om het beeld dat ik heb gevormd over dans gedurende mijn opleiding en professionele carrière los te laten en te herdefiniëren.

Dit was als danser een interessant gegeven om de betekenis van dans en beweging in vraag te stellen. Kan je op een andere manier naar dans kijken? Meer nog , kan je op een andere manier naar een danser kijken? Hoe kan men “the observer” beïnvloeden? Een kijk op een kijk geven.
Mijn ervaring als danser tijdens het werkproces met Marie Limet en andere dansers met een fysieke beperking gaf me de mogelijkheid om terug te keren naar de kern van een beweging.
Waar ontstaat die beweging in het menselijk lichaam? Hoe voelt het om een beweging te ervaren? Wat is het verschil tussen een beweging aanleren en uitvoeren of tot een beweging komen vanuit jezelf? En wanneer beschouwen we de communicatie tussen dansers met en zonder lichamelijke handicap als volwaardige dans?

It’s not about me, it’s about you.
Het draait om perceptie. De manier waarop we waarnemen. Hoe we elkaar lichamelijk kunnen observeren zonder vooroordelen. Een danser is in eerste instantie een persoon. Een persoon die uniek is en niet zonder gebreken. Elke persoon heeft zijn persoonlijke “handicap” hoe zichtbaar of onzichtbaar deze ook is. Dit heeft niet alleen te maken met de diversiteit van iedere lichamelijke handicap, maar met de diversiteit van elke danser. Dit heeft ook te maken met de verwachtingspatronen die men heeft als men aan een danser denkt. Een danser die gevormd is vanuit een dansopleiding, ga je in eerste instantie niet associëren met een
lichamelijke en of motorische handicap. Maar waarom zou dit geen mogelijkheid zijn? Is het mogelijk om deze verwachtingspatronen te veranderen? Of eerder te beïnvloeden?

Tot nu toe heb ik dit onderzoek steeds benaderd vanuit mijn praktijk als danser. Maar hierin voel ik mij te gelimiteerd. Het universeel aspect van hoe ieder van ons omgaat met beperkingen, hoe ieder van ons omgaat met het aanvaarden van die beperkingen, intrigeert mij. Maken deze beperkingen ons uniek? In welk kader kan deze vorm van diversiteit in onze huidige samenleving overleven? Bestaat er zoiets als een reëel beeld?